Samen…een feestje vieren
Een schrijfsel uit het mapje 2012: uitnodiging in vorm van column voor ons feestje 12,5 jaar samen (aangepast naar 2013). Uitnodiging column
Een schrijfsel uit het mapje 2012: uitnodiging in vorm van column voor ons feestje 12,5 jaar samen (aangepast naar 2013). Uitnodiging column
Op verzoek deze keer een stap terug in de tijd: een redelijk voorspoedige bevalling, helpende handen en naderende feestdagen maakten dat we drie weken na de geboorte van onze dochter een kraamborrel planden. Van één uur tot ongeveer vier uur, zodat June in elk geval aan het begin of aan het eind van het feestje wel even wakker zou zijn.
Moederdag. Een dag die er vóór het ouderschap de laatste jaren ongeveer uitzag als: opstaan ruim na acht uur, al dan niet met een paracetamol om de schade van de avond ervoor weg te werken. Of te beperken. Of daar tenminste even hoop op te hebben.
De meeste kenmerken van een baby in huis had ik vooraf wel begrepen. Ze slapen, huilen en hebben veel aandacht nodig en natuurlijk wil je dat als kersverse ouders, naast een stuk of wat schone luiers per dag, onafgebroken geven. Prima. Alleen, wat bleek: baby’s zijn van zichzelf weinig mobiel. Ja, echt. En aangezien mezelf makkelijk kunnen verplaatsen een eerste
Babyzwemmen. De term riep net zo’n weerstand bij me op als zwangerschapsyoga. Maar ja, daar was ik toch een paar keer met plezier heen gegaan en proberen kan altijd. We deden een proefles, met z’n drieën. En dachten: gezellig, een groep met moeders én vaders (het is tenslotte 2012). Kan Peter ook om de week een duik nemen met June.
Huize Smit, vrijdagavond, een uur of zes. Ik maak aanstalten om met mijn moeder naar de koopavond te gaan. We hebben net gegeten en June krijgt rond zeven uur nog een fles met pap voor de nacht. – “Ik ga zo met mijn moeder mee hè.” – “Ja, prima hoor.”
Eerst waren daar dus de ongeschreven regels voor jonge gezinnen binnenshuis. Toen kwamen we erachter dat er ook een hele lijst aan wenselijk gedrag bestaat voor het-gezin-buiten-de-deur. Al doende leert men, zullen we maar zeggen. Stel je voor: je baby is een paar weken oud. Drinkt goed, slaapt goed (naar babymaatstaven dan) en is wakker goedgemutst. Wat wil je nog
Zo. Dat waren dan de eerste onwennige dagen. Weken. Bij vlagen hebben we ieder momenten dat we tot tien tellen, heel hard zuchten of even alleen de deur uit gaan, maar het grootste deel van de tijd kunnen we zeggen dat het goed gaat. June slaapt. Soms. Wij ook soms. Soms minder. June eet. Alle flessen gaan leeg. Meestal. Wij
Kraamtijd: ondanks mijn beperkte ervaring kan ik zeggen dat ik die week niet altijd zo’n goede kraamvrouw was. Na de opstartuurtjes van onze kraamverzorgster Jacquelien lagen we om tien uur ’s avonds met z’n drieën in bed. Met dertig jaar ervaring was ze er zeker van dat we zo goed als niet zouden slapen. Dat klopte natuurlijk. Als June geen
Na de blogs over m’n zwangerschap mag een’ B-blog’ oftewel bevallingsblog eigenlijk niet ontbreken. Al is het maar omdat ik graag nauwkeurig en compleet werk aflever (zowel qua blogs als baby’s). Maar bij schrijven hoort ook dat je jezelf inleeft in de doelgroep. En ik kan me voorstellen dat er onder mijn lezers mensen zijn die sommige details liever overslaan.
Stilzitten: heb ik weinig mee. Met rusten zo mogelijk nog minder. En slapen vind ik nog steeds overschat (ja, we weten dat we gezegend zijn met onze schone slaapster). Gelukkig was ik hoogzwanger nog behoorlijk mobiel, dus afgezien van wat ongemak (lees: een helse voetontsteking waar ik precies 100 meter mee vooruit kwam) was dit alles ook niet nodig .
Nee, ik ben niet iemand die standaard tegen clichés is. Die slaan namelijk ergens op, wetenschappelijk gezien. Ik ben alleen niet altijd even goed in dooddoeners. En zeker niet als ze betrekking hebben op relaties, werk, zwangerschap of kinderen. Kan ik uren over uitwijden, maar laten we het voor nu maar bij voorbeelden over zwangerschap houden.